Naar de inhoud

Waarom open-source CAD zelden op de commerciële pakketten lijkt

Waarom open-source CAD zelden op de commerciële pakketten lijkt

English version: Why open-source CAD rarely looks like the commercial packages.

Open-source software werd jarenlang gemaakt door de ontwikkelaar die het zelf nodig had. Wat er de laatste tijd bij komt, wordt gemaakt uit frustratie: iemand wil wat een commercieel pakket doet, maar dan gratis. Dat verklaart waarom die nieuwe programma’s wél op de bekende pakketten lijken en de oudere generatie niet.

Het is nooit verboden geweest

Ik dacht lang dat je geen gratis kloon van Adobe mocht maken. Dat klopt niet. Het Hof van Justitie oordeelde in 2012 in de zaak SAS Institute tegen World Programming dat de functionaliteit van een programma, de programmeertaal en de bestandsformaten niet onder het auteursrecht vallen, en dat je een programma mag observeren, bestuderen en testen om de ideeën erachter te begrijpen.

Wat wél beschermd is: de code zoals die geschreven is, de naam van het product, en het uiterlijk voor zover het verwarring wekt over de maker. Losse ideeën kunnen onder een patent vallen. Je mag dus een programma namaken dat hetzelfde doet, zolang je de code niet overneemt en niet doet alsof je het origineel bent. Aan de wet lag het niet.

De ribbon als voorbeeld

Neem de ribbon, het lint met tabbladen dat Microsoft in 2007 introduceerde en dat inmiddels in de meeste CAD-programma’s zit. In FreeCAD is die er nog steeds niet standaard, terwijl hij er al jaren kán: er zijn addons die dat bewijzen (FreeCAD-Ribbon, ModernUI, NeoRibbon), LibreOffice heeft sinds 5.3 een ribbon, en het patent van Microsoft op de ribbon is volgens het forum verlaten. Aan de toolkit lag het ook niet: die addons draaien op FreeCADs eigen bouwstenen.

Er is wel een tegenargument, maar dat houdt geen stand. In een stuk van Ondsel staat dat het niet om de ribbon gaat: wie daarover klaagt, klaagt eigenlijk over samenhang en vindbaarheid. Don Norman zegt in The Design of Everyday Things: “Violate conventions and you are marked as an outsider. A rude outsider, at that.” Conventies zijn bij hem culturele beperkingen: je leert ze van je omgeving, en dus ook van de programma’s die je al gebruikt. Een ontwerp moet daarom zijn wat de gebruiker verwacht, niet wat logisch is. De ribbon is zo’n verwachting, en samenhang en vindbaarheid komen daar bovenop.

Wat het tegenhoudt, staat in de discussie zelf: het is een grote verbouwing, het stuit op weerstand, en een onderhouder schreef in 2024 dat het niet snel gaat gebeuren. Dat is geen technisch probleem maar een keuze over waar de ontwikkeling naartoe gaat.

Wie vraagt er eigenlijk om?

Een ontwikkelaar die zijn software niet verkoopt, heeft geen klanten in de zin van kopers. Hij heeft donateurs, en die zijn net zo goed klanten: ze betalen, dus ze mogen verwachten dat er naar ze geluisterd wordt. Alleen worden ze vaak niet zo gezien. Dat is de kern van mijn stelling: projecten die van donaties leven, gooien hun eigen glazen in door hun donateurs niet als klanten te behandelen.

Wat er nu verandert

De nieuwe golf begint anders. Neem SolidCraft: open source, parametrisch, in Rust, met bovenaan een ribbon met tabbladen Solid, Surface, Mesh, Sheet Metal, Plastic en Utilities, links de modelboom en onderin de tijdlijn. Dat is de indeling van Fusion 360, tot de tabbladnamen toe. Waar de oudere generatie begon bij wat technisch interessant was, begint deze bij het programma dat mensen al kennen, maar dan gratis.

Mijn oordeel: ik heb als UI-ontwikkelaar altijd gezegd dat FreeCAD geen marktleider is en dus niet moet innoveren in de interface. Gebruikers verwachten wat ze van de leiders kennen, ook als dat niet het beste ontwerp is. Daarom zijn de thema’s van FreeCAD nu saaie grijze en witte tinten in plaats van paars: zo ziet een professioneel programma eruit, en dat heb ik toegevoegd, niet uitgevonden. Zolang ontwikkelaars hun donateurs niet als klanten zien en niet accepteren dat ze de interface niet zelf moeten ontwikkelen, blijven die oude open-source programma’s er raar uitzien, en spelen ze zo de vibecode-programma’s in de hand die dit wel goed doen.

De uitleg over het auteursrecht op functionaliteit las ik bij Licenseware; de zaak SAS Institute tegen World Programming is van het Hof van Justitie, en de richtlijn is 2009/24/EG. Het citaat van Norman komt uit The Design of Everyday Things, herziene editie, in het hoofdstuk over conventies. Over de ribbon in FreeCAD: het draadje op het ontwikkelaarsforum, de discussie op GitHub, de addons op de wiki en het stuk van Ondsel. SolidCraft staat op solidcraft.io, de indeling is te zien op de voorbeeldpagina van het project.

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *